| VISIE op de SAMENWERKING
OUDERS
Kinderen zijn altijd kinderen
van ouders. Dat lijkt vanzelfsprekend, maar het is eigenaardig genoeg
toch niet zó evident! Wij trachten ons hiervan steeds bewust
te blijven door rekening te houden met het gezin en inspanningen te
doen om de ouders maximaal bij het verblijf van het kind te betrekken.
Enkele voorbeelden:
- via regelmatige telefoons, bij het halen en brengen van de kinderen,
of door een contactschriftje, groeit de wederzijdse betrokkenheid tussen
ouders en leefgroep;
we gaan respectvol om met de waarden en normen die de kinderen van thuis
uit hebben meegekregen;
- we organiseren regelmatig gesprekken met ouders over hun kijk op de
opvoeding van het opgenomen kind en van de andere kinderen in het gezin
, over het verblijf in de leefgroep;
ook andere zorgen zoals relationele problemen, werkloosheid, ziekte,
financiële beslommeringen, enz. kunnen aan bod komen;
- we bieden ondersteuning door middel van psychosociale en/of pedagogische
begeleiding, of door de verantwoordelijkheid voor de opvoeding ook te
delen tijdens weekends en vakanties, ...
Met andere woorden: zorg op maat, niet alleen voor het kind, maar ook
voor het hele gezin
Visietekst PARTNERSCHAP
Partnerschap is een doel dat wordt nagestreefd, iets waar men naartoe
moet groeien. Het start van bij het eerste contact en groeit in de loop
van de samenwerking met het gezin uit naar een partnerschaprelatie (onafhankelijk
hoe dit zich concreet in de praktijk vertaalt). We trachten dit te verduidelijken
via volgende definitie.
Partnerschap tussen ouders en voorziening is een werkrelatie die wordt
gekenmerkt door een gedeeld idee van het te realiseren doel, met de
jongere als rode draad en de bereidheid om daar rond te onderhandelen
in een sfeer van wederzijds respect. Deze sfeer van respect en begrip
voor de ouders kenmerkt de relatie, waarbij betrouwbaarheid, laagdrempeligheid
en responsiviteit dit onderlijnen. Het is essentieel dat informatie
wordt gedeeld en er openheid is in de communicatie en dat er sprake
is van gedeelde verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid. De vaardigheden
en kennis van beide partijen zijn van belang in het samen nemen van
de beslissingen.
We spreken hier van een werkrelatie. Dit geldt zowel voor de ouders
als voor de hulpverleners (waarmee alle teamleden bedoeld worden). Uiteraard
kunnen we ouders niet dwingen tot een werkrelatie, maar er zijn verschillende
acties van ouders, die we als input kunnen beschouwen. Wij kunnen ouders
o.a. aanmoedigen om tot een werkrelatie te komen door veel informatie
door te geven en te vragen naar hun ideeën daarbij.
We hebben het hier over een gedeeld idee van het te realiseren doel.
Tijdens het overleggen gaat het vaak over nuances en zullen ze wel altijd
(kleine) meningsverschillen blijven bestaan. Het is belangrijk dat elke
partner zijn eigenheid kan behouden. Daarnaast is er ook een verschil
tussen een doel op korte termijn of op langere termijn.
In het onderhandelen zullen sommige gezinnen, bv. met slechts beperkte
mogelijkheden of een groot wantrouwen naar de buitenwereld, het moeilijker
hebben dan andere en is het aan ons om samen te zoeken hoe we daarin
kunnen leren en groeien.
Wederzijds respect is de hoeksteen van elke geslaagde relatie. De hulpverlener
onderlijnt dit binnen zijn professionele houding door begrip te tonen
voor de ouders, door hen het gevoel te geven op het juiste adres te
zijn en laagdrempelig (toegankelijk) te werken naar de ouders toe. Betrouwbaarheid,
(het zich houden aan beloftes), en het snel en soepel reageren bij het
geven van een antwoord en omgaan met klachten, versterken het gevoel
van correct behandeld te worden.
De informatie die gedeeld wordt moet ook relevant zijn. Misschien moet
niet 'alles' boven tafel komen. Het is wel belangrijk dat de informatie
in de juiste, goede betekenis gehoord kan worden. Ouder zijn is een
moeilijk beroep, waar geen opleiding voor bestaat. Het is belangrijk
aandacht te schenken aan het positieve dat gerealiseerd wordt binnen
het gezin.
We moeten op zoek gaan naar de competentie, de krachten binnen het gezin,
die eigenlijk de belangrijkste bouwstenen zijn om een positief keerpunt
mogelijk te maken binnen het gezin.
We kunnen als hulpverlener dit proces bevorderen door informatie te
laten circuleren (cfr. De competentie van families, Guy Ausloos).
Openheid en communicatie is voor ouders essentieel om tot een vertrouwensrelatie
met de instelling uit te kunnen groeien.
Professionelen hebben hun eigen onderscheiden kennis en vaardigheden
om bij te dragen aan het begrip van ouders met betrekking tot het zo
goed mogelijk helpen van hun kind of jongere.
Vaardigheden en kennis vormen slechts een deel van wat nodig is. Ouders
kunnen alleen goede partners zijn als hulpverleners luisteren naar wat
zij te zeggen hebben. Slechts als de hulpverleners de bijdrage van de
ouders als intrinsiek belangrijk beschouwen, zullen zij bereid zijn
hun noden te uiten.
Het samen nemen van de beslissingen, het streven naar gelijkwaardigheid
in zeggenschap, betekent dat we open moeten staan voor bedenkingen en
bezwaren die ouders hebben rond zaken die in de leefgroep gebeuren.
We kunnen dit in openheid bespreken zonder onze gebruiken en regels
op te geven, die reeds hun diensten bewezen hebben in de leefgroep (onze
positieve krachten). De hulpverlener moet bereid zijn om te luisteren
naar wat ouders bezighoudt en moet soms actief op zoek gaan om hen hierin
tegemoet te komen. Hierbij is het belangrijk vooral te vertrekken van
de mogelijkheden, de positieve krachten binnen het gezin.
Afspraken Zorgplan en ouders
1. Zorgplan en Kindbesprekingen:
- in het Kader van Partnerschap is het essentieel dat ouders worden
betrokken bij het opstellen van het zorgplan;
- op de teamvergadering wordt afgesproken hoe ouders kunnen betrokken
worden (voorbeeld van werkvormen: aanwezig zijn bij kindbespreking op
teamvergadering, voor- en/of nabespreking met aandachtsopvoeder, MW,
OP,…);
- binnen de teamvergadering wordt afgesproken wie de bespreking samen
met de ouders voorbereidt en wie de ouders (eventueel) uitnodigt;
- bij aanwezigheid van de ouders op de vergadering gebeurt de bespreking
op het niveau van de ouders (zoveel mogelijk zorgen voor interactie,
rekening houdend met hun zorgvragen en hun taalgebruik,...)
2. Verslaggeving:
- het verslag wordt geschreven zodat de ouders het kunnen lezen;
- de ouders krijgen een copie van de werkpunten van de kindbespreking;
- de ouders kunnen een afspraak maken met de kinderpsychiater die deel
uitmaakt van het DB om het hele dossier te overlopen;
|